RASBESCHRIJVING

De Bearded Collie

 

Naar verluid ligt de oorsprong van de Bearded Collie bij hondjes die in 1514 met een schip uit Polen in Schotland aankwamen en geruild werden tegen een ram en een ooi. De Beardie wordt beschouwd als een van de oudste Britse herdershonden. De huidige Bearded Collies stammen af van het teefje Jeannie en de reu Bailie of Bothkennar, waarmee in 1950 door mrs. Willison werd gefokt. In 1948 was Jeannie als Bearded Collie geregistreerd bij de Engelse Kennelclub. In 1957 kwamen de eerste Bearded Collies naar Nederland.

Oorspronkelijk is de Beardie een werkhond, vooral gebruikt bij het drijven van vee, meestal van de schapen, in de Schotse Hooglanden.

 

De Bearded Collie is een slanke, lenige, beweeglijke, actieve hond. Zijn uiterlijk is imponerend en krachtig, maar hij is niet zwaargebouwd. Het imponerende beeld wordt vooral veroorzaakt door de dubbele vacht, een lange, harde, vlak aanliggende bovenvacht met dichte, zachte ondervacht. Deze vacht vraagt veel verzorging om klitvorming te voorkomen. Zijn lichaam is langer dan dat het hoog is met vlakke ribben, een diepe borst en een rechte rug. Hij heeft een brede, vlakke en vierkante schedel met matige stop en een lange snuit. De kleur van de ogen stemt overeen met die van de vacht. De oren zijn middelmatig lang en hangend. Gewenst is dat hij beschikt over een volledig schaargebit.

(wordt vervolgd)